Filosofie en leiderschap hebben meer met elkaar te maken dan je misschien denkt. Leiders zijn erbij gebaat af en toe een stapje terug te doen om overzicht te houden over de grote lijn van de organisatie. Net zoals filosofen die de grote lijn in de gaten houden voor de maatschappij als geheel. Dat ‘filosoferen’ gaat overigens verder dan met de benen op tafel liggen peinzen; het is hard werken! Lammert Kamphuis vertelt over nut en noodzaak van filosofie voor goed leiderschap.

Tekst Lydia Lijkendijk

Goede leiders zijn in staat de vraag achter de vraag te zien, zegt filosoof Lammert Kamphuis, “Leiders bijten zich niet direct vast in een concrete kwestie, maar vragen zich af wat erachter zit en wat er nu precies speelt. Zij ontwikkelen een soort ‘perspectivistische lenigheid’, dat wil zeggen dat zij gemakkelijk in staat zijn zich te verplaatsen in andere perspectieven. Zij kunnen zich inleven in de verschillende standpunten die leven in de organisatie.”

Als je die perspectivistische lenigheid van nature niet hebt, is het nog steeds wel mogelijk aan het hoofd van een organisatie te staan, denkt Kamphuis. “Maar het is wel een gemis. Want mét die lenigheid kun je anderen ook geïnspireerder meenemen in je verhaal.”

Filosofische aangelegenheden

Dat is geen overbodige luxe, want elke leider of manager van een organisatie krijgt te maken met filosofische kwesties. “Het meest voor de hand liggen natuurlijk de ethische kwesties”, zegt Kamphuis. “Morele vragen die gaan over het maken van de juiste afweging, de juiste keuze. Gaan we bijvoorbeeld voor meer winst, of kiezen we voor duurzamer ondernemen? Elke leider krijgt wel met zulke vragen te maken. Daarnaast is het maken van keuzes op zichzélf al een filosofische aangelegenheid. Want wat zijn onze aannames en vooronderstellingen dan? Hoe ga je bij functioneringsgesprekken bijvoorbeeld om met zaken die niet te meten zijn of in getallen zijn uit te drukken, zoals: hoe loyaal of attent is iemand, of hoeveel humor brengt hij of zij mee in het team? Hoe je omgaat met het niet-meetbare dat er wel degelijk toe doet, dat is een filosofische vraag.”

Machiavelli

Door de eeuwen heen hebben filosofen zich wel uitgelaten over wat goed leiderschap volgens hen precies is. In zijn korte introductie gaat Kamphuis daarop in. “Verschillende filosofen hebben verschillende ideeën daarover. De een hecht veel waarde aan dienstbaarheid, of aan kennis en inzicht. Als leider zit je dan goed als je meer kennis of inzicht hebt dan je medewerkers. Zelf vind ik de ideeën van Machiavelli interessant in dit opzicht. Volgens hem moet een leider ook een beetje sluw of vals zijn. Zoiets kom je natuurlijk nooit tegen in een managementboek, maar het is best leuk om eens na te denken over hoe berekenend je eigenlijk bent en wat dat betekent voor je leiderschap.”

Socratische gespreksvoering

Leiders hoeven van Kamphuis niet perse kennis van de filosofie te hebben – hoewel die kennis erg van belang kan zijn om ontwikkelingen te duiden. “Want ontwikkelingen die gaande zijn in de samenleving, hebben ook invloed op organisaties. Denk aan democratisering of individualisering. Het is vooral de vaardigheid van het filosoferen die van belang is, meer nog dan de kennis op zich.” Benen op tafel en uit het raam kijken, dus? “Filosoferen is keihard werken hoor”, lacht Kamphuis.

Hij noemt de zogenaamde Socratische gespreksvoering als een mooi voorbeeld van dat filosoferen. “Je hoeft dat niet op basis van een bepaald stappenplan te doen. De basis ervan is dat je op zoek gaat naar de vraag die speelt in de organisatie. Laten we die eens helder met elkaar formuleren, en vervolgens onderzoeken of iedereen wel dezelfde betekenis aan de begrippen geeft. Wat bedoelen we eigenlijk met ons jargon? Als je de juiste vraag weet te ontdekken, en eenduidige begrippen formuleert, heb je daar als leider heel veel baat bij.”

Ook interessant is het bevragen van het vanzelfsprekende. Kamphuis: “Waarom hebben veel organisaties voor iedereen elke dag dezelfde begintijd? Terwijl we allang weten uit de biologie dat sommige mensen pas later op de dag op gang komen. Of waarom slapen we alleen thuis en nooit op ons werk, terwijl bewezen is dat powernaps ontzettend nuttig kunnen zijn. Dus waarom faciliteer je dat niet met plekken waar medewerkers even kunnen rusten?”

Volgens Einstein

In het bevragen van deze vanzelfsprekendheden bij de inhoudelijke keuzes die leiders moeten maken, zit de meeste winst als het gaat om creativiteit en innovatie, stelt Kamphuis. “Wat is nou echt vanzelfsprekend, en wat kan er anders? We zijn allemaal dol op democratie, maar toch worden de meeste managers niet democratisch gekozen. Als je speelt met ideeën en gedachten, kom je vanzelf tot creatieve oplossingen. Einstein zei: ‘Creativity is intelligence having fun’. Durf te experimenteren met vanzelfsprekendheden, bevraag ze, en kom tot vernieuwing!”

En ja, een huisfilosoof zou natuurlijk bij verschillende organisaties ontzettend goed kunnen helpen bij het op gang brengen van zulke processen.

Filosofie in coronatijd

Voor Lammert Kamphuis is filosofie een vorm van levenskunst: het moet geen slimmere, maar betere mensen van ons maken. Elke rol en elke situatie hebben daarbij weer hun eigen uitdagingen en de huidige coronacrisis is hierin wel een heel bijzondere tijd.

Kamphuis heeft deze periode gebruikt om twee boeken te schrijven. De eerste is een verzameling van stoïcijnse teksten met als titel Op weg naar vrijheid. De teksten zijn te lezen als ‘medicijnen’ tegen alledaagse problemen. De tweede is een crisis-editie van zijn bestseller uit 2018: Filosofie voor een weergaloos leven. Dit boek is een luchtige introductie voor meer filosofie en bewustwording in je dagelijks leven. Je hoeft geen leider te zijn om te genieten van deze boeken.

Deelnemers aan het Congres Filosofie voor Managers krijgen het boek mee naar huis.  

 

Geef een antwoord

Je email adres wordt niet gepubliceerd. Required fields are marked *

Post comment